Salve Regina (Wees gegroet, Koningin)
Aan het einde van de Rozenkrans groeten we Maria als Koningin en Moeder. Op aarde zijn we 'ballingen' — verlangend naar het ware vaderland. Maria gaat ons voor.
Wees gegroet, Koningin, Moeder van barmhartigheid; ons leven, onze vreugde en onze hoop, wees gegroet. Tot u roepen wij, ballingen, kinderen van Eva; tot u smeken wij, zuchtend en wenend in dit dal van tranen. Daarom dan, onze voorspreekster, sla op ons uw barmhartige ogen; en toon ons, na deze ballingschap, Jezus, de gezegende vrucht van uw schoot. O goedertieren, o liefdevolle, o zoete Maagd Maria. Bid voor ons, heilige Moeder van God. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.